Sociaal ondernemen in Den Haag: stimulerende en belemmerende factoren

Sociaal ondernemen in Den Haag: stimulerende en belemmerende factoren

Ondernemen met impact

Loes Nijskens, adviseur sociale economie KplusV,  presenteerde haar onderzoek ‘Ondernemen met impact’ op 16 november, tijdens de conferentie in de Universiteit Leiden, georganiseerd in het kader van de The Impact Days. Deze blog is een samenvatting van het onderzoek.

Met dit onderzoek onder sociaal ondernemers en samenwerkingspartners van ondernemers, geeft Loes Nijskens inzicht in het handelen, de kansen en de belemmeringen voor ondernemers en betrokken partners. In de interviews heeft zij de volgende thema’s besproken: ondernemersvaardigheden, samenwerking met (lokale) overheid, het meten van impact en mogelijkheden voor financiering van de onderneming.

Sociaal ondernemen als begrip

De term sociaal ondernemen is in wetenschappelijk opzicht nog jong en een eenduidige definitie voor sociaal ondernemen ontbreekt daarmee vooralsnog. Enkele studies bieden input voor een afbakening van de term.

De sociaal ondernemer wordt beschreven als de persoon die een onderneming runt, en die maatschappelijke waarde wil toevoegen middels een onderneming. De sociale onderneming die deze persoon runt, is financieel onafhankelijk en zelfvoorzienend. Sociale ondernemingen verkopen goederen en/of diensten; ze nemen economische risico’s en leveren betaald werk. De onderneming draait niet alleen op vrijwilligers.

De maatschappelijke meerwaarde van de sociale onderneming staat voorop, niet de winstmaximalisatie. Winst mag, maar de financiële doelen staan ten dienst van de missie: de maatschappelijke impact vergroten.

Social Enterprise NL hanteert een definitie met de toevoeging dat de sociale onderneming democratisch wordt bestuurd, dat de winstneming door eventuele aandeelhouders redelijk is en dat bestuur en beleid gebaseerd zijn op een evenwichtige zeggenschap van alle betrokkenen.

Verschillende vormen van sociaal ondernemen

Sociaal ondernemers streven niet allemaal dezelfde doelen na. Ze richten zich op diverse maatschappelijke kwesties en creëren op verschillende manieren impact.

Loes Nijskens gebruikt in haar onderzoek de typologie van Alter om inzicht te krijgen in de verschillende vormen van impact:

Social nurturers creëren werkgelegenheid voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Ze bieden deze mensen training gedurende hun baan of een vakopleiding. 72% van de sociale ondernemingen aangesloten bij Social Enterprise NL, geeft aan zich hierop te richten.

Social connectors zijn actief in het creëren van fysieke of virtuele ontmoetings- en marktplekken voor bewoners of leden van een platform. De impact betreft het vergroten van de sociale cohesie in buurten en wijken.

Social innovators richten zich op het realiseren van een groenere economie en duurzaamheidswinst door het ontwikkelen of ontwerpen diensten of producten die bijdragen aan bijvoorbeeld energiebesparing, het hergebruik van grondstoffen en/of het verminderen van afval.

Social traders houden zich bezig met het vormgeven van een afzetmarkt voor producten of diensten uit ontwikkelingslanden met als doel internationale armoede te bestrijden.

Ondernemersvaardigheden

Sociaal ondernemers hebben ondernemersvaardigheden nodig om de maatschappelijke missie (impact maken) van de onderneming te realiseren.

Het businessplan moet een sociale missie en een commercieel doel hebben. Een duidelijke visie is belangrijk. Ook al wordt het ‘sociaal’ ondernemen genoemd, het zakelijk denken staat voorop. Een samenwerking met publieke partijen is nodig om de weg te vinden naar instanties, subsidies, regelingen, wetten en fondsen.

Het is hierbij essentieel dat het een dienst of product genoeg wordt afgenomen om het maatschappelijk doel van de onderneming te kunnen verwezenlijken. In het algemeen blijkt dat de groepen ondernemers met de karakteristieken van social nurturers en social connectors niet altijd alle benodigde ondernemersvaardigheden laten zien. Binnen deze groepen zoeken ondernemers geregeld geen antwoord op de vraag of de klant die zij op het oog hebben, wil betalen voor hun product of dienst.

Een aantal sociaal ondernemers en stakeholders vindt dat het combineren van een commerciële en een sociale kant in een onderneming lastiger is, dan het vormgeven en runnen van een puur commerciële onderneming. Volgens Loes Nijskens verdient het aanbeveling, om startende sociaal ondernemers bewust te maken van de benodigde ondernemersvaardigheden en om daarnaast ervaren ondernemers te betrekken bij het ontwikkelen van sociaal ondernemerschap in Den Haag.

Samenwerking met overheid en zorginstellingen

In de Monitor van Social Enterprise geven sociaal ondernemers aan dat het lastig is om de overheid als klant te hebben in Nederland vanwege het doolhof aan regels. Ook het samenwerken met zorginstellingen is ingewikkeld. Deze zijn vaak huiverig om samen te werken met een ondernemende partner in het publieke domein.

Regelgeving en communicatie zijn verkokerd en verdeeld over verschillende afdelingen in de landelijke of lokale overheid. De sociaal ondernemer die bijvoorbeeld mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt naar werk wil leiden, zijn producten duurzaam wil produceren of die een milieuprobleem wil aanpakken, heeft met meerdere afdelingen contact. De overheid in Nederland ziet dit zelf ook als probleem.

De programma’s van de gemeente Den Haag - Social Hub en Impact Economy - staan bij ondernemers bekend als loketten waar ze ondersteuning kunnen vinden. Routes voor ondernemers met verschillende impactgebieden binnen de gemeente zijn noodzakelijk en de daadwerkelijke doorverwijzing naar contactpersonen voor samenwerking op specifiek impactgebied binnen de gemeente kan nog worden verbeterd.

Meten van impact

Het is zinvol om sociaal ondernemers te begeleiden bij het meten van impact in de praktijk. De helft van de ondervraagde ondernemers ziet het meten van impact als een middel om hun bedrijf te optimaliseren.

Meten vinden ze zinvol, omdat daardoor de opbrengst van het bedrijf zichtbaar wordt. Echter alleen zolang het meten in de praktijk niet te veel tijd kost en ze door een onafhankelijk impactexpert worden geadviseerd.

Anderen vinden het meten van impact niet noodzakelijk en soms ook onduidelijk, wat is de maatstaf waaraan hij/zij moet voldoen om die impact te kunnen meten en wie bepaalt deze. Omdat impactmeting juist een middel kan zijn om tot meer inzicht te komen en daarmee ook tot een praktische verbetering van de eigen onderneming en een vergroting van de specifieke impact, verdient het aanbeveling om meten in de praktijk te vereenvoudigen en ondernemers ervan bewust te maken dat meten relevant is.

Financieringsmogelijkheden

Financiële instellingen blijke sociale ondernemingen niet altijd te ondersteunen in het realiseren van hun missie. Het beleid en de werkwijze van deze instellingen zijn meestal niet gericht op het creëren van impact en rendement tegelijkertijd.

Het merendeel van de ondervraagde ondernemers had in de opstart van het bedrijf toegang tot de benodigde financiën. Deze bestond uit eigen kapitaal of familiekapitaal. Een enkeling regelde financiering middels crowdfunding of een lening bij een fonds, zoals Stichting Doen of Fonds 1818. De ondernemers geven aan dat ze niet op basis van subsidie hun bedrijf willen uitbouwen. Dat kost vaak meer tijd dan het oplevert.

In het geval van nieuwe businessmodellen zijn de bijbehorende verdienmodellen en de manier waarop geld wordt verdiend middels verkoop van dienst of product nog niet voldoende bewezen. Omdat investeerders deze modellen veelal nog niet kennen, vragen zij zich af of ze succesvol zullen zijn en daarmee financieel rendement zullen opleveren.

Een social impact bond is een veelgenoemd voorbeeld van een lening waarmee een overheid een preventieve maatregel kan nemen, zonder alle risico’s te dragen voor de uitkomst. Loes Nijskens adviseert een vervolgonderzoek naar implementatie van passende financiering in Den Haag, zodat uiteindelijk zowel maatschappelijke impact als financieel rendement kan worden behaald.

Contact

Wil je het volledige rapport lezen? Heb je vragen over het onderzoek? Wil je samenwerken? Mail l.nijskens@kplusv.nl

Gepubliceerd op: 21 - 11, 2018

Laatst gewijzigd op: 21 - 11, 2018

comments powered by Disqus